Bij de eerstvolgende bus deden we een uitstapcontrole. Met de eerste twee passagiers was er niets aan de hand, maar vlak achter hen kwamen er twee jongens aan en die hadden geen kaartjes. Zij wilden snel naar buiten en begonnen flink te duwen. We probeerden ze tegen te houden, eerst met praten maar dat had geen zin. Ze waren meteen agressief. We probeerden één van de jongens aan te houden en dat ontaardde in een vechtpartij. Op dat moment schiet je adrenaline behoorlijk omhoog. Mijn collega Jan kwam op een gegeven moment onder de jongen te liggen en ik probeerde Jan te ontzetten. De andere jongen werd door de tweede collega vastgehouden, maar stribbelde niet tegen. Hij schreeuwde wel de hele tijd: “Laat mijn neef los of ik ga je iets doen!”
Omdat we in een druk gebied werken, was de politie er binnen twee minuten met drie auto’s. Dat was prima. De jongens werden meegenomen naar het politiebureau en ook wij gingen mee. Daar aangekomen, zag ik dat Jan last had met ademen. Hij kon ook niet goed zitten en ik zei nog: “Jan, wat zit je raar, wat is er aan de hand?”. Hij antwoordde dat hij niet alleen moeite had met ademhalen, maar dat hij ook last had van zijn rug. We hebben onze leidinggevende gebeld en werden doorgestuurd naar het ziekenhuis. Toen bleek dat Jan twee flink gekneusde ribben had. Mijn andere collega en ik hadden respectievelijk een schaafwond en een gescheurde broek.
Voor Jan was het de derde confrontatie met geweld binnen een half jaar. Dit incident was voor hem de druppel die de emmer deed overlopen. Hij heeft aangegeven dat hij een andere baan wil en zit nu nog in de ziektewet. Inmiddels heeft men hem binnen de organisatie een andere functie aangeboden.
Zo’n vechtpartij en de nasleep ervan - politiebureau, ziekenhuis, verwondingen... Het zet je wel aan het denken. Toen ik thuiskwam, dacht ik: “Huh, dat heeft toch een impact...” We doen ons werk graag, het leek een rustige avond. Dan komt er zo’n bus en escaleert het in een knokpartij. Dat had je willen voorkomen. Bovendien ben ik nu een leuke collega kwijt. Misschien heeft hij de eerste twee trauma’s niet goed kunnen verwerken.
We worden intern wel goed begeleid in dergelijke situaties, maar je kunt kennelijk niet altijd voorkomen dat een ander er langer last van heeft. Het gaat je niet in de koude kleren zitten. Want waar ging het incident uiteindelijk over? Één zone...!
Instappen zonder een kaartje te kopen, is een vorm van diefstal en daarvoor kun je worden aangehouden. De meeste mensen weten niet dat wij als BOA wél mogen aanhouden, al hebben we minder bevoegdheden dan de politie. Pas als ze dat doorhebben, zeggen ze: “O dat wist ik niet. Als ik dát had geweten, had ik anders gereageerd...”
Het is wel jammer dat we minder bevoegdheden hebben. Zo mogen we bijvoorbeeld geen transportboeien gebruiken en zijn we gedwongen om iemand vast te houden tot de politie ter plaatse is. Probeer maar eens een paar minuten lang een tegenstribbelende verdachte vast te houden. Liever zouden we hem in afwachting van de politie geboeid in een bushok kunnen zetten. Nu moeten we hem op de grond klem houden. Dat is pijnlijk voor de verdachte, vervelend voor ons en geen prettig gezicht voor de omstanders.